Skip to main content

Waar kijk je voor 2026 naar uit binnen het vakgebied?
Ik vind het belangrijk om verder te bouwen aan de sector door te investeren in een duurzame relatie tussen opdrachtgever en dienstverlener. Daarmee bedoel ik een relatie die gebaseerd is op vertrouwen, transparantie en dialoog. Dit vraagt om vernieuwing van de samenwerkingsmodellen. Modellen waarin opdrachtgever en dienstverlener successen en risico’s delen en steeds het goede gesprek met elkaar voeren over wat beter kan. Alleen zo komen we weer uit bij de essentie van ons vak, namelijk gezond ondernemerschap met oog voor gastbeleving en werkplezier. Bij CONTRAST zetten we daarvoor opdrachtgevers in hun kracht door te werken met een servicemodel dat de ambitie van het bedrijf versterkt. Dit is absoluut maatwerk, want de tijd van ‘one size fits all’ is voorbij. Ik hoop dan ook dat we in 2026 voorgoed afscheid nemen van de kaasschaafconstructie, waarbij op iedere laag rendement blijft hangen en voor de mensen die het werk daadwerkelijk moeten uitvoeren, geen gezond rendement overblijft. Kortgezegd: ik kijk uit naar duurzaam ondernemen, waarbij opdrachtgever en dienstlener samen optimaal inspelen op de behoefte van de gast of gebouwgebruiker met oog voor het werkplezier van de medewerkers die de service verlenen.

Wat denk je dat de grootste ontwikkeling gaat zijn die jouw werk gaat beïnvloeden?
We leven in een tijd met sterke focus op slim organiseren en geld. Dat is logisch, want de kosten stijgen, de arbeidsmarkt is krap en kwaliteitseisen nemen toe. Al deze ontwikkelingen vragen om innovaties die ons helpen om werkprocessen te optimaliseren en scherp te bepalen wat toegevoegde waarde heeft of niet. De grootste ontwikkeling in ons werk is dan ook de inzet van data en technologie om aan ‘de achterkant’ tijd en ruimte te creëren voor winst ‘aan de voorkant’. Zo gaan we steeds vaker AI inzetten om facilitaire dienstverlening slimmer in te richten. Met AI kunnen we patronen en trends signaleren, die maken dat we het gedrag van gebouwgebruikers kunnen voorspellen, zodat we daar proactief op in kunnen spelen. Ook de verdergaande digitalisering van kwaliteits- en contractmanagement zorgt voor meer efficiëntie, overzicht en continue verbetering. Nieuwe digitale tools en systemen gaan ons daarbij zeker verder helpen. Ik ben ervan overtuigd dat we met data en technologie het primaire proces gericht kunnen empoweren en zo meer tijd en ruimte kunnen creëren voor innovatieve serviceconcepten en mensgericht facility management.

Waar zie je kansen voor jezelf?
Voor mijzelf zie ik allereerst kansen in het ontwikkelen van nieuwe samenwerkings- en servicemodellen. Dit vraagt om een omslag van controle en beheersing naar vertrouwen en samenwerking. Het begeleiden van deze omslag vind ik een geweldige uitdaging. Verder zie ik de samenwerking met partijen buiten de branche als een belangrijke kans, bijvoorbeeld met tech-bedrijven, marketeers en vastgoed. Zo kunnen we over de grenzen van ons vakgebied heen kennis en ervaring delen en elkaar versterken. Dat is nodig, omdat de  wereld steeds complexer wordt. We moeten dus ons perspectief verbreden en nieuwe netwerken ontwikkelen. Bij CONTRAST ondersteunen we organisaties dan ook steeds vaker met inzetten van community management, een nieuwe tak van sport binnen het facilitaire vakgebied. Communities verbinden mensen rondom thema’s die in de werkomgeving van waarde zijn en dragen bij aan duurzame relaties. Een prachtige kans voor onze branche!

Dit interview is geplaatst op Facto.nl